‘Intrusies’ zijn zich spontaan, onvrijwillig opdringende beelden of gedachten aan een traumatische gebeurtenis. Schokkende ervaringen zijn vaak de aanleiding, bijvoorbeeld in de context van geweld, rampen of oorlog. In haar proefschrift toont Patricia Dashorst aan dat mensen ook intrusies kunnen hebben over gebeurtenissen die ze zelf niet hebben meegemaakt.

PTSS

Bij de meeste mensen zijn de intrusies van een schokkende gebeurtenis slechts een korte periode aanwezig. Bij anderen blijven ze zich langer opdringen of verschijnen ze later in het leven en kunnen dan symptomen van een posttraumatische stress-stoornis (PTSS) zijn. Uit klinische observaties blijkt dat intrusies ook betrekking kunnen hebben op situaties waarbij men niet zelf aanwezig was. Psychiater en systeemtherapeut Dashorst onderzocht intrusies bij circa honderd na de Tweede Wereldoorlog geboren personen. Dit waren patiënten die in behandeling waren vanwege klachten die samenhingen met opgroeien als kind in een gezin met ouders die wreedheden in de oorlog hadden overleefd. Bij de onderzochte groep bleek dat intrusies over zelf (direct) en niet-zelf (indirect) meegemaakte gebeurtenissen even vaak voorkwamen en vergelijkbare kenmerken hadden. Een verschil werd gevonden in fantasiegeneigdheid (fantasy proneness) als persoonskenmerk, dat een unieke en sterke samenhang met indirecte intrusies bleek te hebben.