De sectie Forensische Systeemtherapie verbindt elk jaar interessante thema’s en sprekers aan een Cruyffiaanse uitspraak. In het jaar 2024 staat de uitspraak “vaak moet er iets gebeuren, voordat er iets gebeurt” centraal. Hieronder lees je over de Sprekers en highlights van deze studieavond 'Systemische Perspectieven op Jeugdcriminaliteit, wat werkt wel en wat niet?'
Larissa Hoogsteder - de wetenschap
Onze eerste spreker was Larissa Hoogsteder, bijzonder hoogleraar forensische orthopedagogische diagnostiek en behandeling en directeur behandelzaken bij de Waag. Zij deelde waardevolle inzichten vanuit de wetenschap over de effectiviteit van verschillende systemische aanpakken van jeugdcriminaliteit. Zij benadrukte dat er de afgelopen jaren sprake is van een daling in de jeugdcriminaliteitscijfers, ondanks vele negatieve mediaberichten over jeugdcriminaliteit. Een mogelijke verklaring is volgens Hoogsteder dat er in de loop der jaren een verbetering is in systemische behandelingen.
Opvallend is dat de daling mogelijk deels toegeschreven kan worden aan een toename van social media gebruik onder jongeren. Door de tijd zijn jongeren meer tijd online gaan doorbrengen, waardoor zij minder in de gelegenheid komen om crimineel gedrag te vertonen. Er is sprake van een verschuiving in het type delict dat een jongeren pleegt. Moderne criminaliteit onder jongeren komt vaker voor zoals; sexting, sextortion, cybercriminaliteit, drugsuithalers en explosies plaatsen. Bij de laatste twee type delicten worden jongeren veelal online “geronseld”.
Groepsdruk via social media en online gedrag kan ervoor zorgen dat jongeren eerder in criminele activiteiten mee worden getrokken. Een positieve boodschap is dat crimineel gedrag ook door social media kan worden voorkomen. Het is van cruciaal belang om als ouder betrokken te blijven bij social media gebruik van je kind.
Hoogsteder benadrukte dat systemische interventies zoals MDFT (Multidimensionele Familie Therapie) en MST (Multisysteem Therapie) effectief kunnen zijn, maar dat de effectiviteit in Europa soms minder groot is. Een mogelijke verklaring hiervoor is het verschil in onderzoeksdesigns. Zij onderstreepte het belang van de RNR-principes (Risico, Behoefte en Responsiviteitbeginsel) bij het behandelen van jeugdcriminaliteit.
Bij externaliserend gedrag van jongeren van 12 jaar en ouder staat niet alleen de opvoedcontext centraal, maar dienen de interventies zich ook te richten op de verschillende systemen waarin een jongere zich ontwikkelt. Het is van belang om deze systemische lagen zoals omgang met vrienden, gedragingen op school mee te nemen in het uitzetten van de systemische interventies. Dit in combinatie met individuele behandelinterventies. Bij kinderen tot 12 jaar kan de focus uitsluitend op de opvoedcontext worden gelegd.